Op het Antwerpse Zuid werd vorige week archeologisch onderzoek uitgevoerd voorafgaand aan de heraanleg van de Verschansing- en Pourbusstraat. Tijdens de opgravingen kwamen er resten van interessante gebouwen aan het licht, zoals kazernes van de 16de-eeuwse citadel van Alva en van de laatste verbouwing ervan uit de 19de eeuw. Talrijke munitievondsten wijzen dan weer op het bewogen militaire verleden van de site. Voorbijgangers konden een blik op de opgravingen werpen.
Tijdens de opgravingen werden goed bewaarde resten van de originele 16de-eeuwse kazernes van de citadel aangetroffen. Een van deze kazernes deed in de 18de eeuw ook dienst als logement van de gouverneur van de citadel. Ook de muurresten van het magazijn met wapenkamer bleven bewaard, net als de resten van enkele waterreservoirs.
De archeologen vonden verder verschillende kanonskogels, mortiergranaten en onderdelen van musketten. Waarschijnlijk zijn deze interessante munitievondsten afkomstig van de zware beschieting van de citadel in 1832 door het geallieerde Franse leger, toen het fort nog steeds bezet werd door de Nederlandse troepen.
De meest recente vondsten dateren uit de 19de eeuw. Het gaat om een kazerne van het Belgisch leger, gebouwd in 1852. In die periode maakte de citadel deel uit van het Verschanst Kamp waarbij Antwerpen omringd werd door een zwaar versterkte vesting met wallen, forten en verdedigingslinies die de stad moesten beschermen tegen vijandelijke aanvallen. De plattegrond van de kazerne, de kamers, vloeren en raamopeningen zijn opvallend goed bewaard gebleven.

De Antwerpse citadel werd tussen 1567 en 1572 gebouwd door de hertog van Alva in opdracht van Filips II, als uitbreiding van de Spaanse omwalling. Het vijfhoekige fort zou de stad tegelijk beschermen en onderdrukken. Het kreeg in de volksmond dan ook snel de bijnaam ‘dwangburcht’. Meer dan drie eeuwen lang domineerde het vijf hectare grote verdedigingswerk de zuidzijde van de stad. Deze perfecte vijfhoek had op elke hoek een bastion en bood plaats aan zo’n 2000 Spaanse soldaten. In de 16de eeuw was de citadel het symbool van het streng-katholieke Spaanse gezag, dat tegenover een zelfbewust stadsbestuur stond dat godsdiensttolerantie hoog in het vaandel droeg, gezien de diverse protestantse geloofsgemeenschappen in Antwerpen.

Ook jaren later, bij de Belgische onafhankelijkheid, speelde de citadel een belangrijke rol. Na de Belgische onafhankelijkheid in 1830 bleef het Nederlandse leger in de citadel, van waaruit ze de stad beschoten . In 1832, tijdens het Beleg van Antwerpen, werd het fort door de geallieerde Franse troepen in puin geschoten om het Nederlandse leger te dwingen tot overgave. In een maand tijd werden er ongeveer 100.000 mortiergranaten en kanonskogels afgeschoten op de citadel. Hierna gaf het Nederlandse leger zich over en kwam het bouwwerk in Belgische handen. De citadel werd gerestaureerd en terug opgebouwd.
In de loop van de 19de eeuw verloor de citadel haar militaire nut, met de bouw van de nieuwe, grotere Brialmontomwalling. Uiteindelijk werd ze in 1874 afgebroken, om plaats te maken voor de nieuwe wijk Het Zuid.
De opgravingen werden uitgevoerd in kader van een heraanleg door het district Antwerpen. De Verschansing- en Pourbusstraat worden klimaatrobuust en groener ingericht, zodat ze kunnen gebruikt worden als lokale koelteplek. Daarnaast krijgen bomen meer plek om te groeien en krijgen de straten een gescheiden rioleringsstelsel met mogelijkheid tot infiltratie en opvang van regenwater.
Hierna worden ook de zone van het ziekenhuis van de citadel en de westelijke poort onderzocht, de bewaringstoestand ervan is nog niet gekend.
Geïnteresseerden kunnen ook heel wat informatie over de citadel terugvinden op www.antwerpenmorgen.be/nl/projecten/citadel/over.
Langs de werf staan informatieborden deze kan men hier bekijken.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten